De allereerste balletacademie werd opgericht in Frankrijk in:
1561
1661
1761
1861
onderwerpen
Ballet in Rusland
In Rusland legde  Aleksandr Gorski (1871-1924) de basis voor het daar. Hij gebruikte soepele, natuurlijke bewegingen en beschreef ondermeer de zesde en de zevende positie (met de voeten parallel naast en iets uit elkaar). In 1916 maakte Gorski - als een van de eerste choreografen ooit - een niet-verhalend ballet op symfonische muziek, in dit geval de vijfde symfonie van Glazoenov. Ook andere Russische danskunstenaars begonnen met nieuwe vormen te experimenteren.

Vanaf midden jaren 1920 begon de Sovjet overheid deze experimenten steeds meer te ontmoedigen en het duurde niet lang voordat alle choreografen zich weer toelegden op de avondvullende verhalende balletten die niet alleen bij het tsaristische hof maar ook bij het volk geliefd bleken te zijn. Veel van de nieuwe, experimentele bewegingsvormen werden echter opgenomen in de Frans-Russische balletstijl: indrukwekkende acrobatische sprongen en tilwerk, soepele bewegingen door het gebruik van een flexibele rug en nadruk op acteerwerk.

De verhalen waren niet meer sprookjesachtig maar realistisch en socialistisch. Ze gingen over ‘gewone’ mensen die niets liever willen dan gelukkig zijn met hun geliefde maar verwikkeld raken in een strijd tussen twee groeperingen of klassen. Beroemd zijn: Vlammen van Parijs (1932) van Vasily Vajnonen (1901-1964) en De Fontein van Bachtsjisaraj (1934) van Rostislav Zakharov (1907-1984), beide op muziek van Asaf'yev.

In het Westen wordt Romeo En Julia (1940) met de prachtige muziek van Sergej Prokofjev als hoogtepunt beschouwd. Toen dit ballet in 1956 in Londen opgevoerd werd in de versie van Leonid Lavrovsky (1905-1967), ontketende het een ware rage voor Russisch ballet, mede door de geloofwaardigheid waarmee ballerina Galina Ulanova haar rol acteerde.

Vanaf het midden van de jaren 1950 was het socialistisch realisme over haar hoogtepunt heen. De choreograaf Yuri Grigorovich (1927) legde steeds meer de nadruk op vorm ten koste van dramatische zeggingskracht. Grigorovich maakte ondermeer de van Spartacus (1956) op de beroemde muziek van Aram Katsjatoerjan.

audio fragmenten
Dmitri Sjostakovitsj: De Bout (1931, Lopukhov) - Finale
Sergej Prokofjev: Romeo en Julia (1940, Lavrovsky) - Dans van de ridders
Sergej Prokofjev: Romeo en Julia (1940, Lavrovsky) - Liefdesdans
Aram Katsjatoerjan: Gayaneh (1942, Anisomova) - Sabeldans
Aram Katsjatoerjan: Spartacus (1956, Grigorovich) - Adagio
Vladimir Vasiliev in Spartacus Vladimir Vasiliev in Spartacus
Galina Ulanova in Romeo En Julia Galina Ulanova in Romeo En Julia
bekijk ook deze wijzers
jazz
Jazz deel 1 - Van hot jazz tot freejazz

Lees hier over de ontwikkeling van jazz tot het einde van de jaren zestig, van hot jazz tot swing en van bop tot freejazz.  

klassiek
Opera
Opera’s kunnen heftige emoties oproepen, zodanig zelfs dat ze revoluties teweeg hebben gebracht. Lees hier meer over de meesterwerken en over de geschiedenis van het genre tot aan de twintigste eeuw.