Terug naar boven

Basiscollectie klassiek: De wals als luistermuziek 1780-1850

De wals ontstond vermoedelijk uit de Deutscher Tanz, een dans die in herbergen en cafés gedanst werd. De Deutscher Tanz had een slechte reputatie omdat man en vrouw heel dicht op elkaar stonden. De dans begon nog redelijk onschuldig met een reeks passen en armbewegingen. Maar tegen het einde hielden man en vrouw elkaar stevig vast om steeds wilder rond te draaien. Dat heette 'waltzen' en in hogere kringen sprak men er schande van. Beschaafde mensen hoorden de menuet te dansen.

De termen Deutscher Tanz, Ländler of Waltz werden door elkaar heen gebruikt en verwezen vooral naar de intieme en voor velen schandalige manier van dansen. Het tranceachtige walsen vormde er een vast onderdeel van. In de laatste decennia van de achttiende eeuw werd de 'Duitse' stijl van dansen steeds populairder. De idee dat iedereen in wezen gelijk was drong door in alle klassen van de samenleving. In Wenen besloot keizer Josef II dat de balzaal van het Hofburg-paleis opengesteld moest worden voor iedereen, wat je afkomst ook was. Rijk en arm vonden elkaar in de danszaal, meer dan ooit tevoren.

Mozart had een zwak voor de Ländler. Hij componeerde diverse Ländler en Deutsche Tänze. Voor hem was de Ländler een dans van eenvoudige lieden. Dat blijkt wel uit zijn opera Don Giovanni. Als aan het eind van de eerste akte de edelman Don Giovanni een stel boeren uitnodigt voor zijn feestje, laat Mozart twee orkesten tegelijkertijd een menuet en een Ländler spelen.

Mozart: Don Giovanni - Finale akte 1 (zie album)

Maar de Ländler begon aan een opmars tot schrik van de verdedigers van goede zeden. Zo verscheen in 1797 het pamflet Bewijs dat walzen de hoofdoorzaak is van de zwakte van lichaam en geest van onze generatie. Het mocht niet baten. Tijdens het Congres van Wenen in 1815 dansten politieke vips uit heel Europa de wals. De dans verspreidde zich in de hogere kringen van Europa.

Vier jaar na het congres componeerde Carl Maria von Weber zijn Aufforderung zum Tanz, dat cruciaal bleek voor de ontwikkeling van de wals als muziekvorm. Het werk staat bekend als de eerste concertwals, een wals om naar te luisteren en niet om op te dansen. Het werd oorspronkelijk geschreven voor piano en stond op het repertoire van beroemde pianisten als Liszt en Chopin.

Carl Maria von Weber: Aufforderung zum Tanz (zie album)

In 1820 was de wals al tientallen jaren een hype. Het leek er even op dat het zijn beste tijd had gehad. De tijdsgeest was immers aan het veranderen. De gelijkheidsidealen van de Franse revolutie vervaagden. De industriële revolutie zorgde voor een schifting tussen arm en rijk. Vrouwen kregen weer een korset aan. Maar de Weners kregen geen genoeg van de wals. Franz Schubert componeerde walsen voor de zogenaamde Worstjesballen (Würstelbälle), die zijn vriend Schober organiseerde voor vrienden en familie.

Franz Schubert: Wals D.365, op.9 nr.19 (zie album)

De Weense overheid begon zich met het dansleven te bemoeien. Er kon niet meer overal in iedere taverne gedanst worden. Er werden speciale balzalen geopend waar bepaalde regels golden. De wals onderging een verandering: de huppelpasjes werden vervangen door glijdende passen. Termen als Ländler en Deutscher werden niet meer gebruikt. Joseph Lanner en Johann Strauss senior, twee muzikanten die hun carrière waren begonnen in cafés en tavernes, wisten de wals muzikaal naar een hoger niveau te tillen.

Joseph Lanner: Paradies Soiree Walzer (zie album)

Lanner en Strauss senior combineerden meeslepende ritmes en melodieën uit een populaire traditie met de verworvenheden van de kunstmuziek. Verfijnde harmonie en orkestratie zorgden voor een verdieping en veelzijdigheid van emoties en sfeer. De wals kreeg min of meer een vaste vorm (inleiding – set van vijf walsen – coda) en veroverde Europa opnieuw, mede dankzij de vele tournees die Strauss senior maakte. Hij en zijn orkest maakten grote indruk, ook bij serieuze componisten als Berlioz en Wagner. Berlioz gebruikte de wals voor het tweede deel van zijn Symphonie Fantastique, dat zich afspeelt op een bal.

Hector Berlioz: Symphonie Fantastique - Un bal (zie album)

De wals had nu echt zijn weg gevonden naar de concertmuziek. Chopin componeerde zijn walsen voor piano niet voor de danszaal maar voor het concertpodium. Vandaar dat hij zich grote ritmische vrijheden kon veroorloven.

Chopin: Wals op.69 nr.1 (zie album)