Terug naar boven

Klassiek: Vijf maal de Tweede van...

Sommige symfonieën zijn niet breed bekend en hebben ook geen school gemaakt. In de beleving zijn ze zowel letterlijk als figuurlijk van een tweede garnituur. En dat is jammer, omdat het soms om onbetwiste meesterwerken gaat. Vandaar dat we een paar van die tweede symfonieën hebben uitgelicht.

Beethoven - Symfonie nr.2 op.36 (1803)
Het is een misvatting om te denken dat Beethoven zich met zijn vroegste symfonieën in de schaduw van Haydn en Mozart bevond. Ook in de beide eerste symfonieën wist hij vanuit de kleinste motieven stuwkracht en brede architecturen te bouwen. De heroïek van de latere symfonieën liet nog even op zich wachten. De Tweede Symfonie is niettemin ambitieus, brutaal en plagerig. Vergelijk het met de gekke bekken trekkende etsen die de jonge Rembrandt van zichzelf maakte.

Bruckner - Symfonie nr.2 (1873)
Bruckner was een componist die niet in zijn tijd paste. Vaak wordt hij getypeerd als een ontheemde middeleeuwer, of als een verdwaalde barokcomponist. Met zijn monumentale klankblokken had hij twintigste-eeuwers als Messiaen, Varèse en Boerman de hand kunnen schudden. De stiltes tussen de symfonische pijlers werden niet altijd begrepen. Vandaar dat men zijn Tweede Symfonie spottend ‘pauze-symfonie’ noemde. De Tweede is tegenwoordig niet Bruckners meest gespeelde werk. Het werd desondanks de mal van waaruit de overige symfonieën geconcipieerd konden worden.

Voor de liefhebbers: Ondanks de succesvolle première (1873, door Bruckner) is de Tweede er in de geschiedenis niet goed vanaf gekomen. Zowel Wagner als Liszt weigerden de opdracht. Bruckner heeft naderhand veel geschrapt. Pas dit millennium verscheen de vroege ongecoupeerde versie van 1872 in druk (Carrigan, 2005). Meerdere dirigenten hebben deze oerversie verdedigd, waaronder Tintner en Blomstedt.

Prokofiev - Symfonie nr.2 op.40 (1925)
Prokofjevs Tweede Symfonie (Parijs, 1725) is berucht vanwege haar agressieve dissonanten en mokerslagen. De première verliep slecht. Prokofjev twijfelde daarop serieus aan zijn talent. Daarmee raakte het werk ietwat in de vergetelheid. En dat is jammer. De tweedelige opbouw (naar het voorbeeld van Beethovens laatste pianosonate) is ongewoon en origineel. Bovendien zorgt het lyrische thema van het tweede deel (een variatiereeks) voor het grootst mogelijke contrast. Reden genoeg om het werk vaker te beluisteren voordat men het afwijst.

Honegger - Symfonie nr.2 voor strijkers en trompet (1942)
Oorlogssymfonieën, oorlogssonates, oorlogskwartetten. Klassieke programmeurs zijn er dol op. De betreffende componist toont zich namelijk als een gewoon mens, die getuigenis aflegt van oorlogsomstandigheden. Honeggers Tweede Symfonie is zo’n oorlogssymfonie. In de slotfase overstijgt een trompet de strijkers. ‘Een gouden zon aan de horizon’, aldus Honegger: ‘Vreugde overwint eindelijk, maar slechts voor een moment.’

Dutilleux - Symfonie nr.2 Le Double (1959)
Henri Dutilleux was een verfijnd componist van abstracte spelen. Veel van zijn muziek scharniert rond bepaalde tonen of akkoorden. Dit is goed te horen in de schitterende slotfase (calmato) van de Tweede Symfonie. Hier wordt een omineus akkoord steeds herhaald, gevolgd door uitwaaieringen van verschillende instrumenten. Het grote orkest en een kleinere divisie zijn zo in samenspraak met zichzelf. Vandaar de titel Le Double.

Hans Jacobi