Terug naar boven

Dance: Quando Quango, tussen kunst en clubcultuur

In de geschiedschrijving van de Nederlandse nachtcultuur ligt de nadruk vaak op de doorbraak van house en techno eind jaren tachtig. Minder aandacht is er voor de generatie daarvoor: artiesten die al begin jaren tachtig experimenteerden met elektronische dansmuziek, vaak vanuit de postpunk en kunstwereld. Het Rotterdamse Quando Quango is zo’n naam die zelden in de spotlights staat, maar een opvallend eigen geluid ontwikkelde op het snijvlak van elektronica, funk en dansmuziek.

We spraken met Hillegonda Rietveld, medeoprichter van Quando Quango. Vanuit haar huidige woonplaats Londen blikt zij terug op het ontstaan van de groep en de Rotterdamse scene van die tijd.

Rietveld groeit op in een muzikaal en technisch georiënteerd gezin, waarin geluid een vanzelfsprekend onderdeel van het dagelijks leven is. ‘We zaten altijd naar dingen te luisteren, wat voor geluid het maakte’, vertelt ze. Die vroege fascinatie vertaalt zich later in een benadering van muziek die evenzeer analytisch als intuïtief is. In dezelfde periode studeert Rietveld aan de kunstacademie in Rotterdam, waar experiment en het doorbreken van vaste vormen centraal staan.


Het ontstaan van Quando Quango begint eind jaren zeventig, na een toevallige ontmoeting op Terschelling. Daar leert Rietveld de Britse Mike Pickering kennen, die later een sleutelrol zal spelen in de opkomst van de Haçienda club in Manchester en betrokken raakt bij de band M People. Wat begint als een vakantieliefde groeit uit tot een muzikale samenwerking en een vroege verbinding tussen Rotterdam en de Britse clubcultuur. Via een netwerk van muzikanten en kunstenaars in Rotterdam ontstaat een samenwerking met onder meer haar broer Reinier Rietveld, die al snel uitmondt in een band.

In Rotterdam ontwikkelt de groep zich in een omgeving waarin punk, postpunk en experimentele muziek samenkomen. Plekken als de platenzaak Backstreet Records en de jongerenclub Eksit fungeren als ontmoetingspunten waar nieuwe muziek uit New York en Engeland binnenkomt. ‘Voor mij was Backstreet Records een heel inspirerende winkel’, zegt Rietveld: ‘Daar hoorde je dingen die je nergens anders tegenkwam.’

De eerste muziek ontstaat vanuit experiment. Met een Korg MS-20 synthesizer bouwen Rietveld en haar bandleden zelf ritmes en structuren, vaak opgenomen op cassette en gebruikt als achtergrond voor liveoptredens. Die werkwijze sluit aan bij een bredere beweging binnen de postpunk, waarin technologie wordt ingezet als creatief gereedschap in plaats van als vast format.


Een belangrijk moment volgt wanneer demo’s terechtkomen bij Factory Records, het invloedrijke label uit Manchester. Dat leidt tot opnames en een directe verbinding met de Britse muziekscene. Tegelijk blijft de band geworteld in Rotterdam, waar repetities plaatsvinden in geïmproviseerde ruimtes onder de Willemsbrug en optredens worden gedaan in zalen als De Doelen en Hal 4. Via deze lijn komt Quando Quango ook in contact met muzikanten uit de Manchester scene, waaronder leden van A Certain Ratio, die meespelen op opnames van de groep.


De muziek van Quando Quango ontwikkelt zich in die jaren snel. Waar de eerste opnames nog sterk experimenteel zijn, ontstaat geleidelijk een meer gestructureerd geluid waarin ritme, baslijnen en melodie samenkomen. Rietveld: ‘Je wordt beter in het maken van structuren. Voor mij was het belangrijk dat er echt een opbouw in zat.’


De bekendste track van de groep ontstaat deels toevallig. Een fout in een sequencer zorgt voor een ritme dat niet lineair loopt, maar alle kanten op beweegt. In plaats van dit te corrigeren, besluit de band het juist te gebruiken. ‘Ik heb er maanden naar geluisterd: mag dit wel? Maar uiteindelijk werd dat het idee.’


De uiteindelijke versie wordt in New York gemixt, waarbij tape letterlijk wordt geknipt en geplakt. Het resultaat is rauw, dynamisch en dansbaar, maar tegelijkertijd ongrijpbaar. Love Tempo groeit uit tot een underground klassieker en verschijnt later op diverse compilaties. ‘Dat is het nummer dat mensen herkennen’, aldus Rietveld; ‘Zelfs in Chicago werd het opgepikt. Toen ik daar later was, bleek dat producers ernaar hadden geluisterd zonder dat ik dat wist.’


Waar Love Tempo de dansvloer vindt, laat ander werk een meer experimentele kant horen. Tracks bewegen zich tussen elektronica en kunstmuziek, met invloeden uit funk, new wave en de New Yorkse no wave scene. Die combinatie maakt Quando Quango lastig te plaatsen binnen bestaande genres. Rietveld noemt het zelf liever geen elektronische dansmuziek in de hedendaagse zin: ‘Het is elektronisch en het is dansbaar, maar het is geen EDM.’


Wat Quando Quango bijzonder maakt, is de constante spanning tussen verschillende benaderingen. Waar Pickering gericht is op toegankelijkheid en popstructuren, zoekt Rietveld juist de experimentele kant op: ‘Het was juist die wrijving die het interessant maakte’

Ondanks connecties met grote namen uit de Britse muziekwereld en bijdragen van muzikanten uit onder meer A Certain Ratio en The Smiths (Johnny Marr), blijft Quando Quango grotendeels onder de radar. Juist daardoor krijgt het werk een eigen plek in de muziekgeschiedenis.


Achteraf gezien blijkt de invloed groter dan destijds zichtbaar was. De muziek vindt zijn weg naar andere scènes en generaties, zonder dat daar een duidelijk commercieel succes tegenover staat. Voor Rietveld is dat geen gemis: ‘Ik wist in die tijd wel dat we iets heel nieuws en eigens deden. Dat je er later op terug zou kunnen kijken.’

Die positie tussen kunst en club, tussen experiment en dansvloer, maakt Quando Quango tot een vroege schakel in de ontwikkeling van elektronische muziek in Nederland. Geen naam van de voorgrond, maar één die onder liefhebbers blijft circuleren en steeds opnieuw wordt ontdekt.

Miles Niemeijer