Terug naar boven

Playlist Een eeuw Debussy

Op 25 maart 2018 was het 100 jaar geleden dat Claude Debussy overleed. Zijn invloed is zelfs nu nog nauwelijks te overschatten.

  1. Preludes voor piano boek 1, nr.1-12 deel II Claude Debussy
  2. Sonate voor fluit, harp en altviool in F gr.t. deel I Claude Debussy
  3. Nocturnes voor vrouwenkoor en orkest nr.1-3 deel II Claude Debussy
  4. Pélleas et Mélisande ; Mes longs cheveux Claude Debussy
  5. Syrinx, "La flûte de Pan" Claude Debussy
  6. L'isle joyeuse Claude Debussy
  7. Chansons de Bilitis nr.1-3, 1899 deel I Claude Debussy
  8. Estampes deel III Claude Debussy
  9. Chansons voor koor nr.1-3, "Chansons de Charles d'Orléans" deel II Claude Debussy
  10. La mer deel I Claude Debussy
  11. Prelude voor piano boek 1, nr.10, "La cathédrale engloutie" Claude Debussy
lees meer
Op 25 maart 2018 was het 100 jaar geleden dat overleed. Zijn invloed is zelfs nu nog nauwelijks te overschatten.

Debussy trok zich weinig aan van academische modes. Liever leerde hij van de natuur, van de Javaanse gamelan, of van de Japanse prentkunst. Zijn alternatieve benadering was revolutionair. Zelfs in zijn hele denken over muziek en esthetiek was hij zijn meeste generatiegenoten ver vooruit.

Toch waren zijn revoluties fluwelen revoluties. De agressie van modernisten als Picasso en was hem vreemd. Zowel de filmmuziek van Hollywood als de experimenten van , en zijn er schatplichtig aan.

Voiles - (piano)
Een van de bekendste composities van , die bij elke muziekgeschiedenisles wel te horen is. Sfeer en klank staan voorop in dit pianowerk; traditionele zaken als tonaliteit en melodie staan op de achtergrond.

Sonate voor fluit, harp en altviool - (fluit), (harp), (altviool)
De Sonate voor fluit, altviool en harp is intens weemoedig, als een eenzame pijnboom tegen de diepblauwe achtergrond van de Middellandse Zee. Tegen het eind van zijn leven had Debussy het plan om zes van zulke sonates componeren. Hij voltooide er slechts drie.

Trois nocturnes, nr.2: Fêtes - o.l.v.
Debussy’s Nocturnes voor orkest waren geïnspireerd door enkele impressionistische schilderijen. De muziek klinkt dus ook heel schilderachtig: vluchtig voorbijdrijvende stemmingen en sferen. In dit geval, Fêtes, de tweede nocturne, zijn dat wél feestelijke sferen.

Pelléas et Melisande
De uit Schotland afkomstige behoorde tot de grootste operazangers van haar tijd. Tegenwoordig herinneren wij haar vooral als de allereerste Mélisande. Er is zelfs een korte opname (1904) van haar bewaard gebleven, waarin we haar deze rol horen vertolken. Niemand minder dan Debussy begeleidde haar aan de piano. Het gaat om de beroemde scène waarin Melisande haar lange haar borstelt.

Syrinx - (fluit)
Debussy was de grootmeester van de arabesk. In dit beroemde stuk heeft de fluit genoeg aan zichzelf…

L’isle joyeuse - (piano)
Het is niet duidelijk om welk ‘gelukzalig eiland’ het hier gaat. Sommigen denken dat dit pianostuk geïnspireerd is door het geanimeerde gezelschap van Watteau’s schilderij De inscheping voor Cythera. Anderen denken dat Debussy hier zijn liefde voor Emma Bardac bezong. In 1904 waren beiden er vandoor gegaan, om een paar gelukkige dagen te beleven op het eiland Jersey.

Chansons de Bilitis, nr.1: La flûte de Pan - (mezzosopraan), (piano)
De liederen van Debussy zijn van een schitterende verleidelijkheid. Elegante piano-partijen ondersteunen de gedichten. Bij La flûte de Pan gaat het om een bijna erotisch gedicht van Debussy’s generatie-genoot Pierre-Félix Louis: ‘…we zijn zo dichtbij elkaar dat we niets meer te zeggen hebben…’

Jardins sous la pluie - (piano)
Muziekstukken en hun titels. Soms roepen ze alleen maar meer vragen op. Neem Jardins sous la pluie (verregende tuinen). De eindeloze stroom noten past mooi bij het beeld van regengekletter. Er passeren echter ook opgewekte kinderliedjes. Misschien moeten we ons een vrolijke rondedans voorstellen, al dan niet in de regen...

Trois chansons de Charles d’Orléans, nr.2 - o.l.v.
Veel koormuziek heeft Debussy niet geschreven, maar het is al even geurig en sierlijk als zijn liederen. Dit middendeel uit de 3 chansons de Charles d’Orléans is een mooi voorbeeld: de solo-stem plooit zich schitterend om de andere, beweeglijke koorstemmen.

La mer - o.l.v.
Debussy leerde van de natuur. Zon, reflectie, zilte geuren: hij had het allemaal op zijn muzikale palet. In zijn orkestwerk La Mer golft de muziek zonder ergens naar toe te gaan. Zoals ook de zee beweegt zonder zich te verplaatsen.

La cathédrale engloutie
Een Bretonse legende spreekt van Ys. Lang geleden zou deze mysterieuze stad door de oceaan verzwolgen zijn. In dit pianostuk horen we hoe Ys voor even uit de golven oprijst. Vanuit de kathedraal klinken galmende klokken, zingende priesters en het majestueuze orgel. Debussy speelde dit stuk zelf in op een pianorol.

Samenstelling: Hans Jacobi en Thomas Op de Coul
Illustratie: Judith de Rond