Terug naar boven

Playlist+ Jazzjaar 1965


  1. Malcolm Malcolm semper Malcolm Archie Shepp & Ted Curson & Joseph Orange & Marion Brown & Reggie Johnson & Joe Chambers
  2. Acknowledgement John Coltrane & McCoy Tyner & Jimmy Garrison & Art Davis & Elvin Jones & Archie Shepp
  3. Serenity Joe Henderson & Kenny Dorham & McCoy Tyner & Richard Davis [US] & Elvin Jones
  4. House of jade Wayne Shorter & McCoy Tyner & Reggie Workman & Elvin Jones
  5. Eighty one Miles Davis & Ron Carter & Tony Williams & Herbie Hancock & Wayne Shorter
  6. Maiden voyage Herbie Hancock & Freddie Hubbard & George Coleman & Tony Williams & Ron Carter
  7. Catta Bobby Hutcherson & Joe Chambers & Richard Davis [US] & Andrew Hill & Sam Rivers & Freddie Hubbard
  8. Flight 19 Andrew Hill & Kenny Dorham & Eric Dolphy & Joe Henderson & Andrew Hill & Richard Davis [US] & Tony Williams
  9. Holy family Albert Ayler & Donald Ayler & Sunny Murray & Charles Tyler & Henry Grimes & Gary Peacock
  10. Seven by seven Pharoah Sanders
  11. Blue mosque Don Rendell & Ian Carr & Dave Green & Michael Garrick & Trevor Tomkins
  12. I lost my step in nantucket Stan Tracey
  13. Blues minor Boy's Big Band
lees meer
1965 was een ongekend topjaar voor de jazzmuziek. In de jaren 40 ontstond de moderne jazz of bebop, dat afrekende met jazz als amusements- of dansmuziek. Gedurende de jaren 50 ontwikkelde dit zich door naar uiteenlopende stijlen als cool jazz, modal jazz, hard bop en free jazz. Afro Amerikaanse jazzmuzikanten lieten zich daarbij zowel beïnvloeden door klassieke en avant-garde composities als de vroege swingjazz en hun Afrikaanse wortels. Niet vreemd dat dit ook synchroon liep met de emancipatiestrijd van de Afro-Amerikaan in de jaren 60.

Reeds gevestigde namen als Miles Davis en John Coltrane schudden de heroïneroes van de jazz van de jaren 50 van zich af en maakten hun beste muziek, omringd door een aanwas van jonge en serieuze muzikanten als Wayne Shorter, Herbie Hancock en McCoy Tyner.

60 jaar geleden veroorzaakte dat een explosie van topalbums bij florerende moderne jazzlabels als Blue Note, Impulse! en ESP. De Playlist+ Jazzjaar 1965 zet de hoogtepunten op een rij en vangt de revolutionaire sfeer van de jazz halverwege de jaren 60.

Malcolm, Malcolm - Semper Malcolm - Archie Shepp
Niet dat 1965 zo’n mooi jaar is. Het begint slecht in februari met de brute moord op Malcolm X, de belangrijkste spreekbuis en activist van de Afro-Amerikaanse burgerrechtenbeweging. In een land dat op dat moment nog witte apartheidsidealen praktiseert, hangen ook veel muzikanten van kleur de ideeën van X en de emancipatiebeweging Nation of Muslim aan. Saxofonist Archie Shepp eert Malcolm X op zijn album Fire Music. Fire Music, New Thing of spiritual jazz is een radicale, in free jazz, modal jazz en Black Power gewortelde stijl, die zich in de loop van de jaren 60 verder ontwikkelt.

A Love Supreme, Pt.I: Acknowledgement - John Coltrane
Beter nieuws is de release van A Love Supreme van John Coltrane in januari. Nadat de saxofonist eind jaren 50 cold turkey heeft afgerekend met zijn verslaving, is hij aan een muzikale spirituele reis begonnen. Daartoe heeft hij een fantastische band om zich heen gevormd, met pianist McCoy Tyner, contrabassist Jimmy Garrison en drummer Elvin Jones. Het omni-religieuze muzikale gebed A Love Supreme is Coltrane’s magnum opus en een meesterwerk van de 20e eeuw.

Serenity - Joe Henderson
Als de jonge Detroitse saxofonist Joe Henderson in 1963 aansluiting vindt bij Blue Note, wordt hij al snel een geliefd side-man. Zijn eerste opnames maakt hij met onder meer trompettist Kenny Dorham, gitarist Grant Green en pianist Horace Silver. Niet alleen Dorham, maar ook Tyner speelt vervolgens op Hendersons debuut Page One (1963) mee. Voor zijn derde album In ’n Out weet Henderson, naast Dorham en Tyner, ook Jones op drums te strikken, waarmee hij twee-vierde van het John Coltrane kwartet in huis heeft.

House Of Jade - Wayne Shorter
Ook saxofonist Wayne Shorter speelt met Tyner en Jones, naast Coltrane’s voormalige bassist Reggie Workman, op zijn vijfde album JuJu. Het komt de jonge saxofonist op de kritiek te staan dat hij poogt in de voetsporen van Coltrane te treden. Maar Shorter laat al in zijn beginjaren een eigen, impressionistische en sierlijke stijl horen, die op JuJu mooi samenkomt met een robuust en hecht bandgeluid.

Eighty-One - Miles Davis
In 1964 heeft Shorter zich aangesloten bij de band van trompettist Miles Davis. Hij completeert daarmee het geliefde jaren 60-kwintet van Davis, met ook toetsenist Herbie Hancock, bassist Ron Carter en drummer Tony Williams. Het album E.S.P. bevat de eerste studiosessie van het kwintet, dat in deze bezetting blijft spelen tot 1968.

Maiden Voyage - Herbie Hancock
Pianist Herbie Hancock wisselde meer dan eens periodes van complexe muziek af met meer toegankelijke fases. Zo koos hij in de jaren 70, na een serie abstracte jazzrockalbums, nadrukkelijk voor de toegankelijke funk van Head Hunters (1973). In 1965 heeft hij al swingende hardbop standards op zijn naam staan als Watermelon Man en Cantaloupe Island. Zijn album Maiden Voyage, dat in maart verschijnt, klinkt vervolgens veel subtieler en klassieker, met invloeden uit modal jazz. Zowel het titelnummer als Dolphin Dance groeien uit tot standards.

Catta - Bobby Hutcherson
Vroege twintiger Bobby Hutcherson heeft in 1964 grote indruk gemaakt als vibrafonist op het album Out To Lunch van Eric Dolphy (die dat jaar overleed). Trompettist Freddie Hubbard en bassist Richard Davis van de Out To Lunch-bezetting spelen vervolgens mee op Hutchersons tweede album Dialogue, naast pianist Andrew Hill, saxofonist Sam Rivers en drummer Joe Chambers. In de lange en vruchtbare carrière die nog zou volgen voor Hutcherson, bleef deze lucide mix van hard bop en post-bop een van de hoogtepunten.

Flight 19 - Andrew Hill
Pianist en componist Andrew Hill speelde met onder andere saxofonisten Roland Kirk en Hank Mobley en debuteerde in 1964 bij Blue Note met het album Black Fire. Zijn eigen compositiestijl, waarbij hij klassieke jazzelementen verbindt aan avant-garde en modal jazz, komt volledig tot uiting op Point Of Departure, waarop Eric Dolphy nog meespeelt naast onder andere Joe Henderson en Tony Williams.

Holy Family - Albert Ayler
Terug naar de New Thing die groeiende is in met name New York, waar het undergroundlabel ESP jonge jazzartiesten volledige artistieke vrijheid geeft. Saxofonist Albert Ayler laat het geluid van gospel, blues en marching bands doorklinken in vrije improvisatiestukken met een spiritueel karakter. Coltrane is fan en zorgt ervoor dat Ayler tekent bij het grotere jazzlabel Impulse!. Zijn latere Impulse!-albums missen echter de oerkracht van albums als Bells en Spirits Rejoice, die in 1965 bij ESP verschijnen.

Seven By Seven (fragment) - Pharoah Sanders
ESP brengt in 1965 het debuutalbum uit van de 25-jarige saxofonist Pharoah Sanders, onder de titel Pharoah’s First. Sanders is vanuit Little Rock (Arkansas) naar New York gekomen om zijn geluk als muzikant te beproeven. Hij is regelmatig dakloos en krijgt zijn eerste kansen bij onder andere Sun Ra, Don Cherry en Coltrane, die Sanders in de loop van 1965 opneemt in zijn band. Het uitgesponnen openingssalvo van Sanders op Pharao’s First laat horen waarom men onder de indruk was. Zijn invloed op met name de spiritual jazz klinkt tot op de dag van vandaag door.

Blue Mosque - The Don Rendell/Ian Carr Quintet
Ook Engeland beleeft een opleving van moderne jazz in 1965. Saxofonist Don Rendell en trompettist (en latere Miles Davis-biograaf) Ian Carr hebben individueel hun sporen reeds verdiend in de Britse jazz als zij in 1965 hun gezamenlijke kwintet oprichten. Op het debuutalbum Shades Of Blue laten zij een typische Britse, gesofisticeerde vorm van hard bop en modal jazz horen. Daarmee zijn zij ook voorlopers op de Europese jazz.

I Lost My Step In Nantucket - The Stan Tracey Quartet
Ook pianist Stan Tracey vindt een geluid dat zich laat bestempelen als typisch Britse jazz. Een ongekend hoogtepunt hierin is het album Jazz Suite Inspired By Dylan Thomas’ Under Milkwood. Het bevat met bijna klassieke precisie gespeelde modal jazz waarin compositie en improvisatie elkaar vloeiend aanvullen, gebaseerd op de poëtische teksten van Welsh dichter Dylan Thomas.

Blues Minor - Boy's Big Band
Hoewel onder andere Albert Ayler en Eric Dolphy Nederland in 1964 bezocht hebben, waar de laatste met onder andere pianist Misha Mengelberg en drummer Han Bennink speelde, leeft de New Thing nog nauwelijks onder Nederlandse jazzmuzikanten. Nederlands bekendste hardbopband Diamond Five is in 1964 opgeheven. De bandleden likken anno 1965 hun wonden in de big band van Boy Edgar. Ook muzikanten als Willem Breuker en Theo Loevendie, die later hun stempel zullen drukken op de Nederlandse avant-garde jazz, spelen in Boy’s Big Band. Op Now’s The Time nemen zij Coltrane’s Blues Minor onder handen met een uitgesponnen arrangement.

Samenstelling en tekst – Mark Ritsema
Vormgeving – Judith de Rond