Back to top

Canon der cultartiesten: Bud Powell

De Amerikaanse jazzpianist Bud Powell wordt gerekend tot de belangrijkste pioniers van de bebop en als vernieuwer van de moderne jazzpiano. Maar hij was ook een getroebleerd man met een drankprobleem die regelmatig verbleef in psychiatrische instellingen. Het zat zijn carrière vol pieken, maar vooral ook dalen, danig in de weg.

Earl Rudolph Powell wordt geboren op 27 september in 1924 in New York. Zijn vader geeft voor het gezin zijn ambities als stride-pianist op, maar moedigt zijn kinderen aan om zich muzikaal te ontwikkelen. De jonge Bud blijkt al vroeg talent voor de piano te hebben en wint een aantal klassieke muziekcompetities. Op de radio maakt Art Tatum grote indruk op hem. Zijn eerste baan is als pianist bij het swingorkest van trompettist Cootie Williams waarmee hij ook opnames maakt.

Cootie Williams – Round Midnight

Powell is nog minderjarig als hij saxofonist Charlie Parker en pianist Thelonious Monk ziet spelen in de club Uptown House. Monk neemt hem onder zijn hoede en introduceert zijn protegé in Minton’s Playhouse waar een club van jazzmuzikanten in de late uurtjes hun eigen muziek spelen en daarmee de bebop ontwikkelen. Powell zuigt de invloeden op en vindt al snel zijn eigen plek. Monk eert hem met In Walked Bud dat een veel gespeelde standard wordt.

Thelonious Monk – In Walked Bud

Over de toedracht bestaan meerdere versies, maar zeker is dat Powell na een optreden met Cootie Williams in Philadelphia hard op zijn hoofd wordt geslagen door de politie. De hoofdpijnen die hij hier aan overhoudt zijn zo ernstig dat hij moet worden opgenomen. Door het ziekenhuis wordt hij doorverwezen naar een psychiatrische inrichting waar hij tweeëneenhalve maand verblijft. Terug in New York groeit zijn reputatie als pianist. Met zijn ritmische stijl en voorliefde voor snelle tempo’s benadert Powell het saxofoonspel van Charlie Parker. Met de vader van de bebop deelt Powell de studio in 1947.

Charlie Parker – Buzzy

Tijdens onenigheid in een bar breekt iemand ditmaal een fles op zijn hoofd. Het ziekenhuis weet zich opnieuw geen raad met zijn onsamenhangende gedrag waardoor hij weer in de psychiatrie belandt. Ditmaal houden zij hem 11 maanden vast en krijgt hij shock therapie. Toenemend onberekenbaar en excentriek gedrag zitten zijn talent niet in de weg. Weer vrij begint Powell te werken met producer Francis Wolff van het Blue Note-label. De resulterende albums The Amazing Bud Powell Volume 1 en Volume 2 behoren tot zijn beste werk. Tijdens een opname sessie verschijnt hij uren te laat om direct achter de piano te klimmen en het energieke Un Poco Loco in te spelen voor een verbijsterde Wolff.

Bud Powell – Un Poco Loco

In 1959 vertrekt Powell naar Parijs waar hij regulier speelt in de Blue Note Club. Zijn vriendin Altevia ‘Buttercup’ Edwards zorgt voor hem en regelt zijn financiën. Mede door zijn vriendschap met de jonge Franse fan Francis Paudras leeft Powell op in Europa. Zijn goede vorm is onder andere te horen op het album Our Man In Paris van saxofonist Dexter Gordon.

Dexter Gordon – Like Someone In Love

In 1986 speelt Gordon de hoofdrol in de speelfilm Round Midnight dat gebaseerd is op de Parijse periode van Powell. Hierin is ook te zien hoe Powell met Paudras afreist naar New York voor een optreden in Birdland. Wanneer het tijd wordt om samen terug te keren naar Parijs laat hij het afweten. In New York vervalt hij weer moeiteloos terug in zijn oude slechte gewoontes. Hij overlijdt in een ziekenhuis in Brooklyn op 31 juli 1966. Zijn nog jonge bewonderaar Herbie Hancock vat dat jaar in een interview Powells invloed samen als: ‘Hij was de fundering waarop de moderne jazzpiano is gebouwd’.

Bud Powell – Bouncing With Bud

(MR)