Back to top

Canon der cultartiesten: Adrian Belew

Hoewel hij heeft samengewerkt met een aantal van de invloedrijkste rockbands ooit, is zijn naam een stuk minder bekend dan die van veel van zijn directe collega’s. Gitarist en zanger Adrian Belew is zodoende met recht een cultartiest te noemen. Hij werd in 1949 geboren in het zuiden van de Verenigde Staten en leerde zichzelf gitaarspelen. Daarbij werd hij vooral geleid door zijn drang om niet te klinken als welke andere gitarist dan ook.

Als gitarist van een band met matig succes, liep zijn carrière aanvankelijk niet bepaald storm. Tot hij in 1977 werd ontdekt door Frank Zappa, die hem inlijfde bij zijn live-band. Belew speelde niet alleen slaggitaar, maar was op sommige nummers ook als zanger te horen. Een andere rol die hij in de band had, was die van Bob Dylan-imitator, terug te horen in het nummer Flakes.

Frank Zappa - Flakes

In 1978, toen zijn tour met Zappa voorbij was, kon Belew meteen aan de slag bij de band van David Bowie. Hij speelde mee op de live-plaat Stage en speelde partijen in op Lodger (1979), het laatste album van Bowie's Berlijnse periode, waartoe verder ook Low (1977) en Heroes (1977) behoren.

David Bowie - DJ

Ook Talking Heads maakte graag van zijn diensten gebruik. Naast live-optredens met de band levert hij bijdragen aan het studioalbum Remain In Light. In The Great Curve zijn klassieke Belew-geluiden te horen die in eerste instantie vooral aan uitzinnige wilde dieren doen denken.

Talking Heads - The Great Curve

Op voorwaarde dat hij ook nog tijd mocht besteden aan zijn andere projecten, trad Belew in 1981 toe tot de band King Crimson. Als zanger en tweede gitarist die oprichter Robert Fripp tot 2013 als een gelijke naast zich duldde, heeft hij met de groep een aantal van de belangrijkste platen uit de geschiedenis van de progrock gemaakt. De eerste plaat die hij met de groep opnam, Discipline (1981), was met zijn complexe structuren en maatsoorten bepalend voor het ontstaan van het math rock-genre.

King Crimson - Frame By Frame

Belews solocarrière startte in 1984 met de plaat Lone Rhino, waarop er nog tientallen volgden. In zijn solowerk zijn virtuoze, experimentele en absurdistische elementen te horen, maar laat hij zeker ook zijn gevoelige kant zien. Naast een begaafd zanger en gitarist schudt Belew bovendien popliedjes uit zijn mouw die in het repertoire van The Beatles niet zouden misstaan. Ook technologie fascineert hem: in 2015 startte hij de audiovisuele app Flux, waarop de muziek van platen Flux 1, Flux 2 en Flux 3 op steeds veranderende wijze te horen is, voorzien van steeds wisselend beeldmateriaal. Zijn hoge creatieve productie houdt hij de laatste jaren het liefst helemaal in eigen hand. Hij schrijft, produceert en neemt op in zijn eigen studio in Nashville en regelt zelfs het distributieproces zelf. Daardoor is zijn werk vaak niet te krijgen in Nederland en schitteren zijn platen in afwezigheid op de streamingdiensten. Muziekweb probeert de catalogus zo veel mogelijk up-to-date te houden met nieuw werk van Belew en heeft onlangs nog een aantal van zijn werken aangeschaft, waaronder het intrigerende Elevator.

Adrian Belew - A13

(JV)