Back to top

Playlist Fado

Portugese liederen vol weemoedig verlangen

  1. Barco negro Amália Rodrigues
  2. Chuva Jorge Fernando
  3. Ó gente da minha terra Mariza
  4. Valsa do vai não vás António Zambujo
  5. Saia rodada Carminho
  6. Paraíso Camané
  7. O primeiro canto Dulce Pontes
  8. Rondel do Alentejo Ricardo Ribeiro
  9. De untdekker Nynke Laverman
  10. O fado e a alma Portuguesa Eric Vloeimans & Mafalda Arnauth & Fernando Lameirinhas
  11. Fado dançado Ana Moura
  12. Penelope João Farinha & Fado Ao Centro
  13. O meu amor Cristina Branco
read more
Portugal is een land in het uiterste zuidwesten van Europa. Het land wordt aan de noord- en oostkant omgeven door zijn enige buurland Spanje en aan de west- en zuidkant begrensd door de Atlantische oceaan. Misschien dat daarom de Portugezen graag verre horizonten hebben verkend. Eeuwenlang was Portugal een wereldmacht met avontuurlijke ontdekkingsreizigers en koloniën in Afrika, Azië en Zuid-Amerika.

Deze playlist is gewijd aan fado-muziek. Fado betekent letterlijk ‘lot’ – in de zin van het moeten accepteren van de harde realiteit van het leven. In de praktijk heeft fado echter een diepere, complexere betekenis. Fado-muziek bevat ook vaak een element van ‘saudade’, een verlangen met een weemoedige ondertoon.

Men vermoedt dat de fado ontstaan is uit een mix van Portugese volksmuziek met wereldmuziek uit de koloniën. Veel immigranten vestigden zich namelijk in de regio Lissabon en andere kuststeden. Elementen van liederen en dansen uit Afrika en Zuid-Amerika - zoals de fofa en de lundum - zouden zich ontwikkelen tot de fado.

Een kenmerkend geluid in fadomuziek is de begeleiding van Spaanse gitaren en in het bijzonder de Portugese gitaar. Dit dubbelkorig snaarinstrument met 12 stalen snaren en een peervormige klankkast wordt ook wel solistisch bespeeld.

In hoofdstad Lissabon is fado een genre dat te horen is in haven- en stadscafé’s, voor de hardwerkende volksmens. In de oude universiteitsstad Coimbra hoor je echter een meer verfijnde fado-variant waarin literatuur en poëzie een belangrijke rol spelen. Daarom wordt ook wel gezegd dat fadozangers uit Lissabon het leven van de straat bezingen en die uit Coimbra de liefde en de politiek.

Gek genoeg zijn meer fado-zangeressen bekend dan fado-zangers. Voor deze playlist is bewust gekozen voor een afwisseling van vrouwelijke en mannelijke vocalisten, van bekende en minder bekende fado-artiesten.

Barco Negro - Amália Rodrigues
Deze playlist beginnen we met een historische opname van de ‘koningin van de fado’: Amália Rodrigues. Zij was de beroemdste en invloedrijkste fadozangeres. Rodrigues groeide op in armoede in de volkswijk Alfama in Lissabon en moest daarom al jong werken. Uiteindelijk ontpopte ze zich van een zangeresje in havencafé’s tot een internationale wereldster die de fado internationaal populair maakte. Haar carrière omspant maar liefst 55 jaar, met de jaren zestig en zeventig van de 20e eeuw als hoogtijdagen.

Chuva - Jorge Fernando
Ook Jorge Fernando groeide op in een arme voorstad van Lissabon. Amália Rodrigues koos hem in haar latere jaren uit als begeleider op de gitaar. Als dichter-componist, begeleider en producer heeft hij de carrière gestimuleerd van verschillende fadistas als Cristina Branco, Mariza en Ana Moura. Maar hijzelf verdient het om ook eens centraal te staan. Luister naar zijn prachtige subtiele zang en gitaarspel.

O Gente Da Minha TerraMariza
Mariza is een opvallende verschijning: ze is lang van gestalte, heeft gemillimeterd en geblondeerd kroeshaar en is gekleed in bijzondere creaties. Maar indruk maakt ze boven alles met haar bijzonder mooie stem. De in Mozambique geboren Mariza kwam al op driejarige leeftijd naar Portugal. In Lissabon groeide ze op in de Mouraria wijk, waar ze als vanzelfsprekend opging in de fadotraditie. Haar debuutalbum Fado Em Mim (2001) werd een sensatie. Ze groeide uit tot een vaandeldraagster van de moderne fado.

Valsa Do Vai Nao Vas - António Zambujo
In het door vrouwen gedomineerde genre is António Zambujo een verfrissende verschijning. Met zijn lichte stem en delicate dictie schroomt deze singer-songwriter niet om invloeden uit elegante bossa nova en cool jazz toe te voegen aan de fado. Zambujo’s zang roept geen zware melancholie op, maar juist lyrische en optimistische lichtvoetigheid.

Saia RodadaCarminho
Carminho is de artiestennaam van Maria do Carmo de Carvalho Rebelo de Andrade. Ze komt uit een muzikale familie: haar moeder Teresa Sigueira was ook fadozangeres. Als tiener zong zij al in fadohuizen. Toch is Carminho geen fadopuriste en combineert ze graag fadoklassiekers met nieuwe nummers waarin invloeden doorklinken van Portugese volksmuziek, Braziliaanse pop (MPB) en jazz.

Paraíso - Camané
Camané (geboren Carlos Manuel Moutinho paiva dos Santos Duarte) wordt beschouwd als een van de grootste mannelijke fadistas. Naast Rodrigues als koningin, krijgt Camané de titel ‘prins van de fado’. Met zijn gevoelvolle en warme baritonstem weet hij zowel puristen als niet-puristen te raken.

O Primeiro Canto - Dulce Pontes
De Portugese zangeres Dulce Pontes is een categorie apart. Om maar een greep te doen: in 1991 won ze het Portugese songfestival met Lusitana Paixo, het in de film Primal Fear gezongen lied Cançao Do Mar werd internationaal een hit, en niemand minder dan Ennio Morricone vroeg haar A Brisa Do Coraçao te zingen voor de film Afirma Pereira. In verschillende albums laat Pontes horen dat ze het fadogenre overstijgt en moderniseert met allerlei wereldmuziekinvloeden.

Rondo Do Alentejo - Ricardo Ribeiro
De doorbraak van de in kleine cafés zingende Ricardo Ribeiro kwam toen hij mocht meedoen op een album met bewerkingen van nummers van Amália Rodrigues. In zijn carrière wisselt hij traditionele fado af met mengvormen, waaronder projecten met de Libanese luitist Rabih Abou-Khalil.

De Untdekker - Nynke Laverman
Toen de Friese Nynke Laverman als tiener diep geroerd werd door de zang van Dulce Pontes in de film Primal Fear, besefte ze dat ze fado wilde zingen. Na haar afstuderen aan de Academie voor Kleinkunst in Amsterdam werkte de actrice ondermeer bij het Friese theatergezelschap Tryater. Door het album Cristina Branco Canta Slauerhoff kwam Laverman op het idee om Nederlandstalige gedichten van de Friese dichter Slauerhoff te vertalen naar het Fries. Met een prachtige kristalheldere stem zingt Laverman op Sielesâlt (2004) op een natuurlijke en passievolle wijze de liederen over onbestemd verlangen.

O Fado e a Alma Portuguesa - Fernando Lameirinhas & Mafalda Arnauth & Eric Vloeimans
Fernando Lameirinhas is een Portugees-Nederlandse singer-songwriter en gitarist. Hij wijdt zijn album Pessoa (2013) aan de belangrijke Portugese dichter Fernando Pessoa (1888-1935). Jazztrompettist Eric Vloeimans voegt fluwelige en meanderende trompetsoli toe. Naast de bronzen en doorleefde zang van Lameirinhas klinkt de lyrische zangstem van Mafalda Arnauth verlichtend en teder. Je hoort invloeden van fado, jazz en Latijns-Amerika kundig samengesmeed worden tot een warmbloedig, melancholiek en lichtvoetig geheel.

Fado Dançado - Ana Moura
Het zesde studioalbum van Ana Moura bereikte direct bij de release al een gouden status. De stijlen variëren van traditionele fado tot pop, van traag en melancholisch tot uptempo en feestelijk. Moura met haar zwoele, warmkleurige stem wordt begeleid door een heuse moderne band – afgezien van de Portugese gitaar dan. We horen elektrische gitaren, drums en toetsen als een Hammondorgel en Wurlitzerpiano. En het klinkt alsof het zo moet zijn en niet anders.

Penelope - João Farinha
De Portugese zanger-componist João Farinha vertolkt met zijn groep Fado ao Centro fado’s uit de universiteitsstad Coimbra. De fado in Coimbra werd alleen gezongen door mannen. De muziek klinkt veel breder dan de fado uit Lissabon, onder andere door de toevoeging van cello en violen aan de Portugese gitaar en de viola (Spaanse gitaar). In studentenzwart gekleed zingt Farinha met zijn diepe baritonstem fado’s begeleid door twee bespelers van de 12-snarige Portugese gitaar en een van de klassieke gitaar.

O Meu Amor - Cristina Branco
Voor Nederlandse fadoliefhebbers is Cristina Branco al lang geen onbekende meer. Dankzij haar vocale medewerking aan de single Dansen Aan Zee van Bløf is ze ook bij een veel breder publiek bekend geworden. Branco en componist en gitaarbegeleider Custódio Castelo ontwikkelden een modernere fadostijl. Met haar lichte, warme en doorleefde stem vertolkt ze op het album Sensus (2003) poëzie over seksualiteit en liefde van Portugese en Braziliaanse dichters. We eindigen deze playlist met een lyrische fadoversie van Chico Buarque’s O Meu Amor.

Samenstelling en tekst: Sandra van de Putte
Vormgeving: Judith de Rond
Illustratie van albumhoes KCX3459