Terug naar boven

Curiosa klassiek: Enrico Caruso

In 1902 liep een jonge bekende operazanger een hotel binnen. Daar was voor hem een kamer omgetoverd tot studio. De zanger nam een aantal aria's op. Enigszins gehaast want hij had een lunchafspraak. Hij werd betaald, ging weg en... schreef geschiedenis. Van de opnamen werden duizenden verkocht over de hele wereld. Enrico Caruso werd de eerste echte grote mediaster.

Enrico Caruso zingt La donna è mobile, een opname uit 1904 (zie album)

Van cafézanger naar operaster
Voor een hedendaags publiek is het misschien moeilijk te geloven. Een operazanger als mediaster? Maar het is niet overdreven: vrouwen huilden als ze een knoop van zijn jas te pakken kregen. Men moet niet vergeten dat in Caruso's tijd zangers nog geen microfoons gebruikten. Iedereen die gehoord wilde worden, moest wel luid zingen. De stap van cafézanger naar operazanger was minder groot dan nu. Zo verdiende ook Caruso zijn eerste centen als zanger, in cafés.

Hij was van eenvoudige afkomst. De weg naar de top was zeker niet gemakkelijk. Temeer omdat hij enorm aan plankenkoorts leed. Dat werd niet minder in de loop der jaren. Als sterzanger van The Met, het wereldberoemde operahuis van New York, moest hij iedere keer opnieuw de verwachtingen van zijn eigen roem waar maken. Caruso was een keiharde werker.

Enrico Caruso zingt O sole mio, een opname uit 1916 (zie album)

Caruso en de opkomst van de geluidsopname
Die eerste akoestische geluidsopnamen hadden hem beroemd gemaakt. Hij was in Amerika uitgenodigd omdat iemand daar zijn opnamen gehoord had. En hij verdiende er veel geld mee. Geen wonder dus dat Caruso geluidsopnamen bleef maken. Hij had veel te danken aan de opkomst van de geluidsopname. Of was het andersom?

Rond 1900 nam geen enkele zanger of musicus de geluidsopname serieus. Geluidsopnamen waren een soort speeltjes. Ze werden verkocht in een fietsenwinkel, niet in een muziekhandel. De geluidskwaliteit was dan ook belabberd. Het geluid van kamermuziek deed denken aan gemiauw van hitsige katten. Een piano klonk als een oude vrouw die haar valse tanden liet klapperen. Zo ongeveer omschreef de oprichter van Gramophone Magazine de kwaliteit. Maar o wonder, de schoonheid van Caruso's stem kon wel gevangen worden.

Mensen moesten wel leren om door heel veel ruis heen te luisteren. Maar ze namen de moeite, want wanneer kreeg je nou de kans om een eersteklas tenor te horen? Caruso’s opnamen verkochten goed, wereldwijd. Door hem begonnen ook andere zangers het nieuwe medium serieus te nemen. Er zit dus wel iets in de uitspraak van Fred Gaisberg, de man die de eerste opnamen van Caruso maakte: “It was not so much the record that made Caruso, but rather Caruso that made the record.”

Enrico Caruso zingt Vesti la giubba, een opname uit 1904 (zie album)

De erfenis van Caruso
De opnamen van Caruso hebben enorm veel invloed gehad op andere tenoren. De legendarische tenor Richard Tauber bekende urenlang naar zijn opnamen geluisterd te hebben. Na hem volgden meerdere generaties tenoren, tot op de dag van vandaag. De opnamen werden iedere keer opnieuw uitgegeven, op 78-toeren plaat, op langspeelplaat en uiteindelijk op cd.

Rond het nieuwe millennium bracht RCA Enrico Caruso: the digital comeback uit. Dankzij de nieuwste digitale technieken werd de stem van Caruso zoveel mogelijk gescheiden van het krakkemikkig klinkende orkest. De stem werd ontdaan van ruis. Vervolgens zorgde een modern orkest een eeuw later voor een nieuwe begeleiding. Het bleek een gigantisch moeilijk experiment, ondermeer vanwege de vele vrijheden in tempo die Caruso nam.

Enrico Caruso zingt Una furtiva lagrima met opnieuw opgenomen begeleiding (zie album)

Enrico Caruso zingt O paridiso met opnieuw opgenomen begeleiding (zie album)

Het einde
In 1920 viel tijdens een voorstelling een decorstuk op Caruso's rug. Vermoedelijk is dat de oorzaak geweest van een ontsteking in zijn borstkas. Helaas kreeg hij geen juiste diagnose. Hij bleef optreden, totdat de pijn in zijn zij te erg werd. Caruso moest uiteindelijk meerdere operaties ondergaan. Zijn gezondheid verzwakte en hij stierf in Napels op 48-jarige leeftijd.

Zijn opnames bewijzen dat hij op dat moment nog op de top van zijn kunnen was. Zijn stem was in de loop van de jaren zwaarder geworden, maar had nog altijd dat prachtige warme, fluwelen timbre. Zijn artistieke interpretaties waren alleen maar beter geworden.

Van Caruso's leven werd een film gemaakt, The Great Caruso met Mario Lanza. Bekend is ook het lied Caruso dat Lucio Dalla aan de zanger wijdde. Het werd opgenomen door Luciano Pavarotti. Wie meer wil weten over het leven van Caruso, kan terecht bij Naxos die een mooie luisterbiografie uitbracht. (CP)

Luciano Pavarotti zingt Caruso (zie album)